WANDREGULATEUR Gesigneerd: Ame Jacob Souscription No. 2 Circa 1830 Frankrijk

Regulateurs Wandklokken

M&R153

WANDREGULATEUR
Gesigneerd: Ame Jacob Souscription No. 2
Circa 1830
Frankrijk

Uurwerk
Messing platine-uurwerk op rustende ankergang, Grahamgang, met slinger, het zogenaamde Graham echappement. Het uurwerk wordt aangedreven door een loden gewicht dat met messing is bekleed.

Wijzerplaat
De ronde, verzilverde wijzerplaat is voorzien van Romeinse cijfers voor de uuraanduiding en streepjes voor de minuten. De wijzerplaat wordt omlijst door een messing vergulde ring en in het centrum is de wijzerplaat gesigneerd Souscription No.2 en Ame Jacob. De tijd wordt aan gegeven door twee geblauwd stalen Breguetwijzers. Bovendien heeft het uurwerk een strakke uitgebalanceerde geblauwd stalen secondewijzer. Het opwindgat van het gaandwerk bevindt zich boven de VI.

Kast
De strakke grenenhouten kast is beplakt met mahoniehout. De voorzijde is voorzien van twee beglaasde deuren, een vierkante voor de wijzerplaat en een rechthoekige voor de slinger. Aan de bovenzijde is de kast versierd met een lijst. De onderzijde van de kast kan als lade naar voren geschoven worden. Hierin kunnen de pennetjes opgeborgen worden waarmee de deurtjes geopend dienen te worden.

Gangduur 1 maand

Hoogte 144 cm.
Breedte 41,5 cm.
Diepte 24,5 cm.

*Prijs op aanvraag

Literatuur
Tardy, Dictionnaire des Horlogers Français, Paris, 1971, p. 319.

De maker:
Aimé Jacob was rond 1838 werkzaam in Lyon aan de Rue Thomassin. In 1800 vervaardigde hij reeds een jaar-lopende regulateur.

Jean-Aimé Jacob werd op 28 november 1793 (1795 volgens de ‘la Grande Chancellerie de Légion d’Honneur’) in Sisteron, Basse-Alpes (tegenwoordig Département Alpes-de-Haute-Provence) geboren. Hij volgde een opleiding als instrument- en uurwerkmaker aan de École Nationale Supérieure d’ Arts et Métiers in Compiègne. Hij bleek een uitstekende leerling evenals zijn medescholier Jacques Fesche, beiden kregen een eervolle vermelding voor hun uitstekende resultaten behaald op deze school.
Jean-Aimé leerde aanvankelijk het vak als uurwerkmaker in Parijs bij Pierre-Louis Berthoud, bij wie hij vanaf april 1813 begon. Berthoud stierf echter in september en de weduwe Claire-Thérèse Berthoud verzocht de uurwerkmaker Jean-François-Henri Motel de leiding van de onderneming van haar gestorven man over te nemen omdat haar zonen Henri en Auguste nog te jong waren, en Motel reeds hun leermeester was. Motel zorgde ook voor de vervolgopleiding van Jean-Aimé Jacob en Jacques Fesche tot 1816.
Hierna konden Jean-Aimé Jacob en Jacques Fesche zich in de werkplaats van Breguet verder bekwamen. Jean-Aimé Jacob begon een eigen werkplaats in Parijs in de Rue Colombier, hij signeerde zijn uurwerken met “Amé Jacob, Élève de Breguet”. Rond 1834 was hij werkzaam aan de Boulevard Montmartre No. 1. In 1839 was hij in de Rue Jean-Jacques Rousseau 3 werkzaam. Jean-Aimé was zeer actief en probeerde tevergeefs in Parijs een uurwerkmakerschool op te richten. Dankzij zijn initiatief nam de astronoom Arago dit idee over en werd deze school tenslotte door het ministerie van handel in oktober 1832 alsnog geopend. De school stond onder leiding van Louis-Frédéric Perrelet.
Kort na 1840 vestigt Jacob zich in Saint-Nicolas d’Aliermont en begint daar een atelier. Jean-Aimé Jacob was één van de uitstekend opgeleide horlogemakers in deze plaats. Saint-Nicolas d’Aliermont en de plaatsjes er omheen hadden inmiddels een geweldige reputatie van het produceren van grote aantallen reisklokken (pendules d’officier en ook reisklokken) en zogenaamde ‘blanc-roulants’ (onafgewerkte basisuurwerken) welke volgens de revolutionaire ideeën van Honoré Pons werden gemaakt. Beroemd werd Jacob was vooral om zijn chronometers, chronografen en jaarregulateurs. Voor zijn chronografen ontwikkelde hij een secondestopmechanisme.
Vanaf 1832 tot 1867 won hij voor zijn uurwerken en chronometers op verschillende tentoonstellingen in Parijs, gouden en zilveren medailles en eervolle vermeldingen. Daarnaast werd hij in 1856 lid van de jury bij de regionale tentoonstelling in Rouen. Hij werd op 19 november 1859 tot ‘chevalier de légion d’honneur’ (ridder van het Erelegioen) benoemd. Jacob werkte samen met Frédéric-Bruno Scharf. Een tweedaags scheepschronometer No. 313 is gesigneerd met Jacob et Scharf A St Nicolas.
Jean-Aimé Jacob stierf op 30 januari 1871 in Dieppe, op het moment dat Duitse troepen de stad binnen marcheerden als gevolg van de Frans-Duitse oorlog. Als erkenning voor zijn werk werd in Saint-Nicolas d’Aliermont een straat naar hem vernoemd.

 

Lees meer Neem contact op